|
In de zeventiende eeuw bezat het stadhuis een rechtbank, een werkruimte voor de burgemeester,
ruimte voor kooplieden, archieven, een wapenkamer, een gevangenis en op het plein zelfs een schandpaal.
Het stadhuis kende ook veel misfortuin. Door diverse oorlogen beschadigde het gebouw door de
eeuwen heen. In 1610 en 1748 werd het stadhuis verwoest door twee grote branden. De bekende
architect Jonas Kristupas Gliaubičius kreeg opdracht om het gebouw opnieuw op te bouwen. Ook de
toren werd opnieuw geplaatst. Toen architect Tommaso Russelis het werk in 1769 vertooide, bleek de toren behoorlijk
te slingeren. De beroemde architect Laurynas Stuoka-Gucevičius (1753-1798) werd te hulp geroepen.
Zijn hulp kwam echter te laat om de toren te redden. In 1781, net nadat de restauratie begon, begaf de toren het
en beschadigde het stadhuis opnieuw. In 1788 begon de restauratie, maar ongunstige politieke omstandigheden
vertraagden het proces. De restauratie werd pas voltooid in 1799, net na de dood van Laurynas
Stuoka-Gucevičius. Tussen 1810 en 1924 werd het complex gebruikt als theater.
|