Met dit gratis woordenboek kunt u woorden van de Nederlandse naar de Litouwse taal omzetten en omgekeerd. Selecteer eerst de gewenste vertaling: Nederlands => Litouws of Litouws => Nederlands. Dit kunt u doen door te klikken op het vakje van uw keuze. Voer vervolgens het gewenste zoekwoord in en druk op ZOEK. Momenteel omvat dit woordenboek meer dan 50.000 woorden. Regelmatig worden nieuwe woorden aangevuld, hiervoor registreren we alle 'gevonden' en 'niet-gevonden' woorden. Ook worden periodiek nieuwe woorden toegevoegd. voornaamwoorden De Litouwse taal kent 7 naamvallen: nominatief, genitief, datief, accusatief, locatief, instrumentaal en vocatief. Dit woordenboek herkent bij de meeste bijvoeglijke en zelfstandige naamwoorden ook alle vervoegingen. Naast de nominatieve vorm, krijgt u dan ook de vorm in de gewenste naamval. Indien u een Litouws woord wil vinden vanuit de Nederlandse taal in een andere naamval (niet nominatief), dan kunt u dat doen door het zoekwoord vooraf te laten gaan door de eerste letter van de naamval, gevolgd een dubbele punt (:). Naamvallen in de Litouwse taal zijn meestal afhankelijk van een voorzetsel. | Naamval | zoekwoord | vraagwoord | | Nominatief | zoekwoord | wie? wat? | | Genitief | g:zoekwoord | van wie? van wat? Wiens? | | Datief | d:zoekwoord | waarvoor? | | Accusatief | a:zoekwoord | wie? wat? wien? | | Locatief | l:zoekwoord | waar? waarin? | | Instrumentaal | i:zoekwoord | met wie? met wat? waarmee? | | Vocatief | v:zoekwoord | aanspreekvorm |
Als u op zoek bent naar een zelfstandig naamwoord, moet u dat invoeren zonder lidwoord (de, het en een). Naast de verschillende naamvallen kent het woordenboek ook meervouden, en soms ook het verkleinwoordje. Als u een Litouws woord in een bepaalde naamval invoert, dan wordt dit woord automatisch herkend. Naast de vervoeging wordt ook de Litouwse nominatieve vorm getoond. Werkwoorden Bij de werkwoorden zit ook een herkenning van alle voorkomende vormen. Dit geldt zowel voor de Nederlandse als Litouwse werkwoordvervoegingen. Er is een herkenning van aantal en tijd. De database bevat verschillende tijden: tegenwoordige tijd, verleden tijd en toekomende tijd. Vul het werkwoord altijd zonder voornaamwoord in. U kunt de toekomende tijd vanuit het Nederlands vinden door de infinitief te gebruiken, voorafgegaan door t en dubbele punt. b.v. t:gaan. Litouwse werkwoorden worden automatisch herkend, en hoeven dus nooit te worden vooraf gegaan door 't:'. |